Voorburg, 25 juni 2012

Aanpak herstel woningmarkt: meer investeringen, minder regulering en minder subsidiëring, 25-06-2012

Reactie IVBN op Wonen 4.0

Volgens IVBN zijn méér investeringen, minder regulering en minder subsidiëring nodig om herstel te krijgen op de woningmarkt. Vanuit die optiek waardeert IVBN het initiatief van de Vereniging Eigen Huis, Aedes, Woonbond en de makelaarsorganisaties, die met elkaar een lange termijn plan hebben gemaakt om de volkomen vastgelopen woningmarkt in beweging te krijgen. Vooral het gezonder maken van de huurwoningenmarkt ziet IVBN als een grote uitdaging, waar IVBN graag aan meewerkt. 

Henk Jagersma, bestuurslid IVBN: “Om de huurwoningenmarkt te laten groeien zijn nieuwe geldstromen nodig van institutionele, buitenlandse en particuliere beleggers. Zij kunnen zorgen voor een sterke groei van de vrije sector huurmarkt boven de € 665 huur per maand, zowel door nieuwbouw als door complexen van woningcorporaties over te nemen. Om die extra geldstromen naar de huurmarkt aan te trekken moet er meer marktwerking in de huurwoningenmarkt gaan plaatsvinden, moet er minder regulering komen en moet de doorstroming in de sociale huursector beter georganiseerd worden. Verder moet zowel in de gereguleerde huurwoningvoorraad als op de koopmarkt de subsidiëring verminderen.”

IVBN wil dus een vergroting van de vrije sector huur om nieuwe geldstromen naar de woningmarkt te lokken. Volgens IVBN werkt het dan zeer contraproductief om de regulering van de huurwoningenmarkt te vergroten, zoals partijen in Wonen 4.0 voorstellen. Partijen willen namelijk het huidige onderscheid tussen gereguleerd (blijvende) huurwoningen en de vrije sector huur opheffen en alle huurwoningen blijvend onder regulering brengen, ook nog na de overgangsfase van 30 jaar. Volgens IVBN moet juist de vrije sector huur sterk groeien en alleen dan zijn investeringen aan te trekken. Daarvoor moet tevens meer marktconformiteit in huurniveaus ontstaan. Een vaste koppeling aan een percentage van de WOZ-waarde om daarmee de markthuur te bepalen, wijst IVBN af.

Om het vrije sector huursegment boven de € 665 te laten groeien, moet een gelijk speelveld komen, waarin alleen marktpartijen acteren. Onder die marktpartijen kunnen ook zelfstandige, juridisch afgesplitste commerciële dochters van woningcorporaties horen. Daarbij moeten niet alleen de directie en de Raad van Commissarissen, maar ook een of meerdere aandeelhouders borg staan voor marktconform opereren, met verantwoording over rendement op geïnvesteerd eigen vermogen.

Volgens IVBN blijft de kerntaak van corporaties het betaalbaar en kwalitatief goed huisvesten van lage inkomens in het (blijvend) gereguleerd segment. Door de aandacht te verleggen naar het segment boven de € 665, dreigt er te weinig aandacht te komen voor deze kerntaak. De noodzakelijke herstructurering van veel corporatiewijken dreigt te vertragen. Ook de wachtlijsten voor de voorraad betaalbare, gereguleerd blijvende corporatiewoningen in de grote steden nemen inmiddels weer sterk toe. Verder zijn doorstroming en meer marktconforme huren nodig, deels te bereiken door meer inkomensafhankelijke huurstijging. Via het huurbeleid moet duidelijk ruimte komen voor reële huurstijging, omdat het verdienmodel van corporaties anders volledig vastloopt. Een huursombenadering is daarbij een goede mogelijkheid. Voorts is het onvermijdelijk dat er een regelmatige inkomenstoetsing komt in de gereguleerde sector. Corporaties moeten meer financiële ruimte krijgen door meer huurinkomsten en lagere beheerskosten. Corporaties hebben echter ook dringend liquiditeiten nodig. Het individueel verkopen van vrijkomende huurwoningen stokt echter. Daarom moet er meer ruimte komen voor complexgewijze verkoop aan beleggers.

Voor wat betreft de huurverhogingsmogelijkheden biedt Wonen 4.0 voor woningcorporaties weliswaar jaarlijks enige ruimte voor huurverhoging (2% boven inflatie). Maar de effecten van huurverhogingen na mutatie van de huurder worden daarin echter meegenomen, zodat er maar een zeer beperkte reële stijging van de huur van de gereguleerde voorraad mogelijk wordt. Verder staat in het plan dat andere verhuurders minder huurverhogingsmogelijkheden krijgen dan woningcorporaties. IVBN wijst een dergelijk onderscheid af. Ook IVBN onderschrijft overigens een huursombenadering in de gereguleerde voorraad.

Voor de koopwoningenmarkt gaat Wonen 4.0 uit van het volledig afschaffen van de hypotheekrenteaftrek, het compenseren daarvan via belastingverlaging en het introduceren van een woontoeslag, dus ook voor woningeigenaren. Voor huurders staat tegenover de belastingverlaging een geleidelijke groei naar meer marktconforme huren. Inkomensondersteuning wordt via een woontoeslag uitgebreid naar de koopsector. Dat geeft veel vragen over de inrichting daarvan, maar IVBN ondersteunt dat er voor bepaalde doelgroepen hulp komt om een passende woning te kunnen vinden. IVBN acht het dan tevens nodig dat de doorstroming in de sociale huursector op gang komt, zodat reeds beschikbare goedkope of betaalbare woonruimte eerder beschikbaar komt voor de doelgroep.

Wonen 4.0 is een goed signaal van een aantal prominente spelers op de woningmarkt dat duidelijk aangeeft dat verandering nodig is om de woningmarkt uit het slop te trekken. Het vertrouwen van de consument in de woningmarkt moet teruggewonnen worden, de doorstroming moet op gang gebracht worden en Wonen 4.0 wil een impuls geven aan de bouw van nieuwe (koop- en huur-) woningen. IVBN onderschrijft deze doelstellingen en wil daar graag aan meewerken. Om de doorstroming op gang te krijgen en nieuwe investeringen in de (huur)woningmarkt te bewerkstelligen is volgens IVBN vooral méér marktwerking, minder regulering en minder subsidiering in de huurwoningenmarkt nodig.


Contactpersoon drs. F.J.W. van Blokland MRICS, directeur IVBN 070-3000371 of  06 54 25 24 15 

De vereniging van Institutionele Vastgoed Beleggers Nederland (IVBN) stimuleert dat kapitaal wordt geïnvesteerd in vastgoed (zowel direct als indirect, zowel in Nederland als daarbuiten). IVBN behartigt tevens de gemeenschappelijke belangen van de leden, biedt een platform aan institutionele vastgoedbeleggers en is erop gericht vooral de Nederlandse vastgoedbeleggingssector verder te professionaliseren onder meer door meer professionaliteit, transparantie en integriteit. IVBN legt in de activiteiten de focus op de in Nederland belegde stenen en stimuleert de verduurzaming van de voorraad. IVBN benadrukt de maatschappelijke betekenis van beleggen in vastgoed. Voor overheden en toezichthouders wil IVBN de logische gesprekspartner zijn in de institutionele en professionele vastgoed-beleggingsmarkt.

IVBN-leden zijn vastgoedondernemingen in de vorm van (al of niet beursgenoteerde) vastgoedfondsen en vastgoedvermogens-beheerders, die in opdracht van institutionele beleggers, zoals pensioenfondsen, verzekeringsmaatschappijen en/of banken, een omvangrijke directe en/of indirecte vastgoedportefeuille hebben, gericht op duurzame exploitatie. De 31 leden hebben voor circa 60 miljard euro aan Nederlands onroerend goed in bezit en nog eens zo’n 50 miljard aan vastgoed in het buitenland. Zij beleggen in woningen, kantoren, winkels, bedrijfsruimten, parkeergarages en overig vastgoed. IVBN is in 1995 opgericht om de gemeenschappelijke belangen van haar leden te behartigen en de bedrijfstak verder te professionaliseren.





Terug